was successfully added to your cart.

Voeding van je baby

babyvoeding

Zelf babyvoeding maken

By | Baby, Voeding van je baby

Het is erg makkelijk om grotere hoeveelheden babyvoeding te maken en in te vriezen. Twee wortels pureren kost tenslotte niet meer tijd dan één. Waarschijnlijk heb je veel van het keukengereedschap dat nodig is om voedsel voor je baby te bereiden al in huis:

  • Twee plastic snijplanken, een voor groente en fruit en een voor vlees;
  • Scherpe, kleine mesjes;
  • Een blender, groentemolen of keukenmachine;
  • Bij gebrek aan elektrische apparaten: een stevige plastic zeef en een vork of stamper om voedsel te prakken.

Aan de slag

Bij het bereiden van voedsel voor je kind is hygiëne vanzelfsprekend van het grootste belang. Was altijd grondig je handen voordat je babyvoedsel bereidt. Was snijplanken, groot keukengereedschap en pannen zorgvuldig, in een afwasmachine als het kan. Was het keukengerei anders met de hand in heet water met afwasmiddel en spoel het na met kokend water. Laat het drogen op een rek en verwissel geregeld de theedoek. Houd het aanrecht zorgvuldig schoon.

Uit eigen voorraad

Door grotere hoeveelheden puree te maken en porties in te vriezen, kun je veel tijd besparen. Die porties kun je later gemakkelijk meenemen op uitstapjes of naar de oppas. Bewaar één portie voor de volgende maaltijd, bedek deze en zet hem tot gebruik in de koelkast. Schep de overige puree in de vakjes van een gesteriliseerd ijsblokjesbakje of in kleine plastic bakjes. Laat alles losjes bedekt afkoelen. Sluit de plastic bakjes af en voorzie ze van een etiket met de datum en het soort eten. Vries dit zo snel mogelijk in en gebruik de porties binnen zes weken. Als je een ijsblokjesbak gebruikt, kun je het bakje open invriezen tot de puree hard is. Doe de blokjes dan in een plastic bakje, sluit het af en voorzie het van een etiket. Haal er daarna steeds net zoveel klontjes uit als je nodig hebt. Je kunt natuurlijk ook klontjes met verschillende smaken met elkaar mengen.

Ontdooien en bereiden

Ontdooi de maaltijden ‘s nachts in de koelkast. Bij de bereiding moet je ze flink verhitten. Blijf goed roeren, anders koekt de puree vast aan de pan. Laat het vervolgens afkoelen tot de gewenste temperatuur. Je kunt ook de magnetron gebruiken. Roer het eten uit de magnetron voor het opdienen goed door om te voorkomen dat sommige gedeeltes warmer zijn dan de rest. Lauw eten is een ideale temperatuur voor je baby. Voor de veiligheid van je baby is het belangrijk dat het eten goed heet is en daarna afkoelt in verband met bacteriën.

Wat is een goede puree?

Het is van groot belang dat het voedsel de juiste dikte heeft. Te grof of te dik is moeilijk door te slikken. Van te waterig eten wordt je baby een luie eter die niets wil eten dat moet worden gekauwd.

Tafelmanieren

Tafelmanieren

By | Baby, Kind, Opvoeding van je kind, Voeding van je baby

Natuurlijk eet jouw kindje niet met mes en vork, maar dat wil niet zeggen hij of zij geen tafelmanieren kan leren.

Vanaf het eerste hapje

Leer je kindje bij het eerste hapje eten door de lepel horizontaal in zijn mond te steken en met de bolle kant licht op de tong te drukken. Het afschrapen van de lepel langs de tanden of lippen zorgt er alleen maar voor dat het leren eten van een lepel langer duurt. Negeer zogenaamd ‘stout’ gedrag (lees: spelen met eten) zoveel mogelijk. Wanneer je lacht of boos wordt, dan doet je kindje dit zeker opnieuw.

Eten met bestek

Hoe ouder je kind wordt, hoe beter de oog- en handcoördinatie wordt. Wanneer jouw kindje daar aan toe is kun je de lepel de deur uit doen, want netjes eten begint natuurlijk met mes en vork. De overgang van een lepel naar een vork zal voor je kind niet anders zijn. Met de vork maakt hij dezelfde beweging als met een lepel. Met een scherp mes moet je misschien nog even wachten. Laat je kind eerst oefenen met een bot mes en help hem waar nodig.

Tafelrituelen

Voordat je aan tafel gaat, is het belangrijk om een vast ritueel af te werken. Laat je kind eerst zijn handen wassen. Vertel hem dat hij moet wachten met eten tot iedereen zijn eten heeft. En dat hij eerst moet vragen of hij van tafel mag.

5 meest voorkomende tafelmanieren

  1. Geen ellebogen op tafel
  2. Niet met volle mond praten
  3. Niet smakken
  4. Niet spelen met eten
  5. Niet boeren
eerste hapje baby

De eerste hapjes

By | Baby, Voeding van je baby

Ieder kindje krijgt zijn eerste hapje op een ander moment in zijn jonge leventje. Dit ligt zo ongeveer tussen de vier en zes maanden, waarop de automatische tongreflex (deze zorgt ervoor dat je baby alles uitspuugt wat hij in zijn mond krijgt) stopt.

Vanaf vier maanden: lekker zacht

Het moment dat je baby de eerste keer ‘echt’ eten krijgt, is een hele mijlpaal in jullie leven. Start met het eerste hapje als je kindje het signaal geeft dat hij hier klaar voor is. Begin met groente en eenvoudige smaken en verwerk deze in een ultrazachte puree.

Vanaf vijf maanden: nieuwe smaken

Je kunt nu puree maken met een iets dikkere structuur, maar zorg er wel voor dat het nog steeds zacht is. Je hoeft niet alle ingrediënten te zeven, alleen die met een schil of pitten. Geef je baby ook eens nieuwe smaken zoals rode linzen, avocado en papaja.

Van zes tot negen maanden: steeds steviger

In deze fase kun je je baby puree of prakjes geven. Ga verder met steviger voedsel als je baby er klaar voor is. Geef je baby in de achtste of negende maand het eerste voedsel dat hij met zijn handjes kan eten, zoals gekookte broccoli, bloemkoolroosjes of gekookte wortel.

Van negen tot twaalf maanden: zelf eten

In deze periode kun je je kindje veel verschillende grof gestampte of gehakte gerechten geven en ook voedsel dat hij met zijn vingertjes kan eten. Hierbij kun je denken aan gekookte of rauwe groentes, fruit of stukjes brood en ei. Het wordt dan al een echte maaltijd!

Tip; Porties invriezen

Door grotere hoeveelheden puree te maken en porties in te vriezen, bespaar je veel tijd. Het is namelijk erg makkelijk je geprakte hapje in te vriezen en die porties later mee te meenemen. Steriliseer hiervoor een ijsblokjesbakje en verdeel de rest van de puree over de vakjes. Wanneer de pureeblokjes bevroren zijn kun je ze uit het bakje wippen en verder in een diepvrieszakje bewaren, voorzien van etiket met datum en soort eten. Bewaar deze niet langer dan zes weken.
koemelkallergie melk baby

Koemelkallergie

By | Baby, Voeding van je baby

De meest voorkomende allergie onder baby’s is koemelkallergie. Vrij logisch, want in het eerste levensjaar drinkt hij voornamelijk melk. Veel kinderen groeien er echter na de eerste levensjaren overheen. Hoe uit het zich en wat kun je er tegen doen?

Oorzaak

Koemelkallergie ontstaat door niet volledig verteerde eiwitten die via de darmwand in het bloedkanaal terecht komen. Sommige kinderen kunnen daar tegen, andere niet.

Kenmerken

De volgende klachten kunnen bij een koemelkallergie horen:

  • Darmkrampjes
  • Overmatig huilen
  • Spugen
  • Eczeem
  • Uitslag
  • Diarree en verstopping
  • Bloedverlies tijdens ontlasting
  • Problemen met de luchtwegen
  • Groeiachterstand
  • Claimerig of opstandig gedrag en aanhankelijkheid

Heeft jouw kindje twee of meer van deze klachten in grote mate? Dan kan het zijn dat er sprake is van koemelkallergie.

Constatering

Het vaststellen van een correcte diagnose is belangrijk. In Nederland heeft naar schatting twee tot zes procent van de zuigelingen voedselovergevoeligheid. Het percentage ouders dat vermoedt dat hun baby overgevoelig is voor voeding ligt echter veel hoger. Zorgvuldig en doelmatig handelen door verpleegkundigen en artsen op het consultatiebureau is van groot belang om dergelijke vermoedens te bevestigen dan wel te ontkrachten. De ‘Landelijke standaard voor de diagnose van voedselovergevoeligheid bij zuigelingen op het consultatiebureau’ wordt daarbij gezien als praktisch hulpmiddel. De standaard wordt uitgegeven door het Voedingscentrum in Den Haag. De diagnose koemelkallergie kan op het consultatiebureau gesteld worden via het proces van eliminatie, belasting en reëliminatie.

Bij borstvoeding

Eliminatie: Er wordt overgegaan op vier weken eliminatie van koemelk. Bij ongewenst gewichtsverlies of onvolwaardige voeding van de moeder wordt verwezen naar een diëtist. Er wordt ook verwezen naar een diëtist als je kindje al bijvoeding krijgt (vanaf zes maanden).

Belasting: Moeder hervat gebruik zuivelproducten gedurende twee weken.

Bij flesvoeding

Eliminatie: je baby krijgt hypoallergene flesvoeding of sojaproducten in plaats van koemelk. Dit laatste wordt echter nog al eens betwist omdat soja een allergeen product is. Voor het ene kind is het een oplossing, voor het andere juist niet. Zorg ervoor dat je je kind evenwichtige voeding blijft geven.Belasting: je baby krijgt tien milliliter van de oorspronkelijke voeding te drinken, gedurende twee weken.

Vervolgens vindt zowel bij borst- als flesvoeding reëliminatie plaats van voedingsmiddelen die klachten gaven bij belasting. Verminderen de symptomen weer bij reëliminatie dan wordt de diagnose koemelkallergie gesteld. De uiteindelijke behandeling is een eliminatie van voedingsmiddelen uit de voeding van kind of moeder die de klachten veroorzaken en een verwijzing naar een diëtist.

Andere manieren om koemelkallergie te meten

Er zijn nog twee andere manieren om koemelkallergie te meten.

De eerste manier is de huidtest. In het ziekenhuis krijgt je kindje druppeltjes van het verdachte allergeen op de rug gedruppeld. In elk druppeltje wordt een klein prikje gegeven en als er op die plek een grote rode bult ontstaat, is je kind allergisch.

De tweede manier is een alternatieve manier: de bioresonantiemeting. Dit wordt gedaan door een acupuncturist. Met een bioresonantieapparaat worden dan de energetische golven van je kind gemeten waardoor vastgesteld kan worden of je kind allergisch is en zo ja, waarvoor. Beide manieren kunnen niet op het consultatiebureau worden toegepast.

Oplossingen

Denk je te weten dat jouw kindje een koemelkallergie heeft, waarschuw dan eerst je huisarts of een arts van het consultatiebureau. Overleg met hem wat een oplossing kan zijn en waar jij je prettig bij voelt. Alternatieve genezers en homeopaten bieden vaak ook goede therapieën die de algemene weerstand van je baby vergroten of de allergie verminderen. Wat de beste oplossing is voor jouw kindje hangt af van je kind, van jou als ouder en van de uitkomst van de bioresonantiemeting.

borstvoedingsproblemen

Borstvoedingsproblemen

By | Baby, Voeding van je baby

Is je baby niet binnen een uur na de bevalling aangelegd? Dat is erg jammer, want het aanleggen wordt daardoor vaak bemoeilijkt. Lukt het je niet om je baby binnen twaalf tot vierentwintig uur aan de borst te krijgen, huur dan een goede elektrische kolf en breng zo de melkproductie op gang. Lukt het niet binnen een paar dagen goed aan te leggen, schakel dan een lactatiekundige in.

Je krijgt kloven

Kloven ontstaan doordat je je baby verkeerd aanlegt. Als het aanleggen niet wordt verbeterd, dan geldt hetzelfde advies als bij een baby die niet aan de borst wil of kan. Ga afkolven. Zeker als je veel pijn hebt, kan kolven verlichting geven. Door je baby een paar dagen te vingervoeden kan hij leren hoeveel borst hij in zijn mond moet nemen voor hij voeding krijgt. Ongeveer twee tot drie centimeter van een wijsvinger. Dat helpt bij het opnieuw aanleggen nadat je tepels geheeld zijn.

Je baby valt te veel af

Als je baby zeven tot tien procent van zijn geboortegewicht heeft verloren, dan is hij een stuk zwakker dan toen hij geboren werd. Het geeft aan dat hij niet genoeg voeding heeft gekregen. Hij is niet vaak genoeg aangelegd, hij is niet goed genoeg aangelegd of je productie komt gewoon wat langzamer op gang. Ga kolven en vingervoeden of eten geven met een kopje tot je baby weer op zijn geboortegewicht is. Daarna kun je opnieuw proberen je baby aan de borst te krijgen.

Je krijgt ernstige stuwing

Ernstige stuwing ontstaat meestal doordat je baby onvoldoende heeft mogen drinken, of juist niet lang genoeg heeft mogen drinken. Hierdoor worden je borsten steeds voller en voelen op een gegeven moment aan als beton. Ze worden steeds pijnlijker en het gevaar bestaat dat er klierweefsel wordt beschadigd. Meestal kun je het voorkomen door je baby de eerste twee tot drie dagen minimaal acht keer en liefst vaker te laten drinken tot hij voldaan is.

Lukt dat niet en worden je borsten steeds voller en pijnlijker, kolf je borsten dan een keer helemaal leeg. Wacht niet tot ze zo hard als beton zijn, dan zijn ze te vol en zijn alle melkkanalen dichtgedrukt. Dus kolven kan als je last van je borsten begint te krijgen en je baby de melk niet weg kan drinken. Is dit niet voldoende, dan kun je zo nodig je borsten nog eens helemaal leegkolven. Vraag raad aan een lactatiekundige. Deze weet meestal beter wat er aan de hand is dan de huisarts.

Je tepels lijken in brand te staan

Het komt wel eens voor dat al in de eerste week spruw in de mond van een baby ontstaat. Dat is een infectie met de schimmel Candida Albicans. Door het contact met je borst word jij ook besmet en krijg je een branderige pijn aan je tepels. Deze infectie geneest niet vanzelf en kan zich razendsnel ontwikkelen als hij niet op tijd wordt behandeld. Vraag een lactatiekundige om raad.

Welke kolf heb je nodig

Heel vaak wordt bij het oplossen van borstvoedingproblemen, vooral in de kraamtijd, gebruik gemaakt van een borstkolf. De beste kolven die je kunt gebruiken hebben ziekenhuiskwaliteit en dus ook de beste kolfeigenschappen. Daarom zijn ze ook alleen te huur. Gebruik liever geen kleine elektrische kolfjes of handkolven voor het oplossen van problemen. Ze zijn gemaakt voor moeders met een goed lopende borstvoeding die na enige weken of maanden weer aan het werk gaan. Nu brengen ze je borstvoeding in gevaar. Je hoeft pas een kolf te kopen als je zeker weet dat je borstvoeding goed op gang is en je weet voor welk doel je het wilt gebruiken. Welke kolf je koopt hangt af van hoe vaak je het denkt nodig te hebben. Ga je straks weer werken, leer dan vanaf een week of vier tot zes je baby ook uit een flesje te drinken. Je voorkomt zo dat hij dat later niet meer wil.

De lactatiekundige

Een lactatiekundige is een persoon die een diploma heeft behaald van de International Board of Lactation Consultant Examiners (IBLCE). Hij of zij is dan een International Board Certified Lactation Consultant (IBCLC). In Nederland wordt een opleiding tot lactatiekundige gegeven aan de Hogeschool van Utrecht. Lactatiekundigen kunnen werkzaam zijn in ziekenhuizen, op kraam- en kinderafdelingen, bij de thuiszorg, bij kraaminstellingen en in een particuliere praktijk. Het is mogelijk dat door andere hulpverleners naar lactatiekundigen wordt verwezen.

Ouders kunnen ook zelf een lactatiekundige consulteren. Lactatiekundigen begeleiden moeder en baby wanneer er problemen bij de borstvoeding ontstaan. Dat kan variëren van aanlegproblemen tot prematuriteit van de baby of andersoortige problemen van moeder en/of de baby. Kortom, daar waar om welke reden dan ook een probleem met de borstvoeding ontstaat, kan de lactatiekundige helpen en van advies dienen.

Je kunt het adres van een lactatiekundige vinden op nvlborstvoeding.nl.

Siemian Berghuijs, IBCLC

borstvoeding

Borstvoeding geven

By | Baby, Voeding van je baby

Met borstvoeding kies je de beste voeding voor je kind. Moedermelk bevat niet alleen alle voedingsstoffen die een baby nodig heeft, maar ook afweerstoffen die je baby beschermen tegen ziekten en infecties.

Voordelen van borstvoeding

Borstvoeding bestaat niet voor niks. Je kindje heeft er baat bij wanneer hij zijn voeding via borstvoeding krijgt.

  • Bij borstvoeding is de kans op maagdarmstoornissen, luchtweginfecties en terugkerende middenoorontstekingen kleiner.
  • Ook op langere termijn heeft voeding invloed: problemen die kunnen samenhangen met kunstmatige zuigelingenvoeding zijn bij- voorbeeld suikerziekte, chronische darmziekten en hart- en vaatziekten op latere leeftijd.
  • Moedermelk bevat bijzondere vetzuren die zorgen voor een optimale ontwikkeling van de hersenen en van de ogen.
  • Moedermelk vermindert de kans op allergische aandoeningen. Als je baby toch een allergie krijgt, zijn de klachten minder ernstig.
  • Borstvoeding heeft een gunstig effect op de ontwikkeling van de kaak en op de mondmotoriek.
  • Borstvoeding geven is gezond voor jou. Je hebt minder langdurig bloedverlies na de bevalling, de menstruatie wordt uitgesteld en je bent eerder terug op je oorspronkelijke gewicht. Langdurig borst- voeding geven vermindert de kans op borstkanker (voor de menopauze) en op botontkalking op latere leeftijd.
  • Van milieuverontreinigende stoffen in moedermelk is geen schadelijk effect op de gezondheid aangetoond.
  • Bij het geven van borstvoeding is het contact tussen moeder en kind heel intensief. Borstvoeding is een goede manier om aan elkaar te wennen en een band op te bouwen.

Zelf voeden

Elke vrouw kan in principe haar kind zelf voeden. Borstvoeding heeft de grootste kans van slagen als rekening wordt gehouden met een aantal aandachtspunten.

  • Hoe meer moeder en kind bij elkaar blijven, hoe beter de borstvoeding zal gaan. Dit wordt ook wel ‘rooming-in’ genoemd.
  • Aanleggen van je baby is heel belangrijk. Dit moet zorgvuldig gebeuren: met hoofd en lijfje in één lijn, dicht tegen jou aan, buik tegen buik. Zijn mondje is wijdopen, zijn kinnetje raakt je borst. Een gezonde pasgeboren baby heeft over het algemeen naast borstvoeding geen water of enige andere voeding nodig. Hij mag gerust wat afvallen.
  • Als je baby niet genoeg drinkt of te weinig in gewicht toeneemt, is vaker voeden noodzakelijk. Wanneer hij vaker aangelegd wordt, zal de melkproductie zich aanpassen aan de vraag van je baby. Als er bijvoeding gegeven wordt, zal de productie van moedermelk niet toenemen.

Goed aanleggen

Borstvoeding geven gaat niet altijd vanzelf. Je baby goed aanleggen is daarom van groot belang. Zowel voor je kindje als voor jezelf.

Je baby is goed aangelegd als:

  • Zijn lippen naar buiten gekruld zijn.
  • Zijn tong onder je tepelhof ligt, over de onderkaak.
  • Een groot stuk van je tepelhof in zijn mond is.
  • Zijn kin stevig tegen je borst aan ligt.
  • Je geen pijn hebt (op het eerste aanzuigen na, wat een wat stekend gevoel kan geven).

Om zeker te weten of je kindje genoeg heeft gegeten, kun je kijken naar de volgende dingen:

  • Je baby drinkt minimaal zeven à acht keer per etmaal.
  • Je hoort en/of ziet je kindje ritmisch slikken of klokken tijdens het drinken.
  • Je baby drinkt rustig je borst leeg in zijn eigen tempo en wil daarna eventueel nog de tweede borst.
  • Je borsten voelen na het voeden soepeler aan dan voor de voeding.
  • Je baby heeft minimaal vier zware wegwerpluiers per dag, of minimaal zes kletsnatte katoenen luiers.
  • De eerste maanden komt je baby tussen de negentig en tweehonderd gram per week aan.
  • Je baby is alert en tevreden.
  • Tijdens de eerste weken moet je baby iedere dag een paar keer ontlasting hebben. Na verloop van tijd is dit niet meer nodig. Sommige borstgevoede baby’s gaan zo efficiënt met hun voeding om, dat ze eens in de twee weken ontlasting hebben.